De fragmentatie van globalisering en de planetaire overshoot van de aarde vormen mede ons gevoel van de tijd waarin we leven. Op zichzelf lijken deze twee thema's van verschillende oorsprong te zijn, maar het is nu dat de geschiedenis van de mondiale geopolitiek opgesloten raakt in een grotere geschiedenis van planetaire overshoot. Klimaatverandering is (slechts) een deel van alle planetaire overshoot.
Zowel de Rio Earth Summit van 1992 als het Kyoto-protocol van 1997 benadrukten de formule dat landen en volkeren "gemeenschappelijke maar gedifferentieerde verantwoordelijkheden" dragen voor acties die met klimaatverandering te maken hebben. In de snel veranderende wereld van nu staat dat “gemeenschappelijke” in een ander licht dan 30 jaar geleden.
Waarom verantwoordelijkheid gedifferentieerd moet zijn, is gemakkelijk te begrijpen. Klimaatverandering is een achterafgeleid probleem: de wereld lijdt vandaag onder de oneerlijk verdeelde historische uitstoot. Het is, of beter gezegd was het principe van ‘de vervuiler betaald’. Onder de geopolitieke druk, die met macht gepaard gaat, zijn beide, (gemeenschappelijke en gedifferentieerde verantwoordelijkheid), praktisch gezien niet meer aan de orde. Recht en onrecht zijn nu ondergeschikt aan het machtsaspect.
De geschiedenis van toenemende globalisering ging gepaard met de gang naar planetaire overshoot. Van dat laatste was men zich niet bewust en werd dus ook niet als probleem gezien. Nu is het wel degelijk een probleem, dat alleen maar toeneemt, en dat nu mede de fragmentatie van de wereld en juist het niet-gemeenschappelijke denken veroorzaakt. De twee geschiedenissen zijn in elkaar verstrikt geraakt en versterken elkaar in een neerwaartse spiraal.
Het verhaal van globalisering en de neergang daarvan is antropocentrisch van aard. Het is een verhaal op de schaal van eeuwen. De planetaire overshoot daarentegen dwingt ons om mensen te zien op een uitgebreid historisch en natuurlijk canvas, dat de geologische geschiedenis van de planeet en het leven daarop omvat. Dat is een verhaal van miljoenen jaren. Ons gevoel van de tijd waarin we leven komt op die manier samen in minstens twee verschillende wereldbeelden of verhalen die nu op elkaar botsen.
We kunnen aanvoelen dat de overmacht ligt bij het verhaal van de lange mensoverstijgende natuurlijke geschiedenis waaraan de kortere cultuurlijke mensengeschiedenis onderhevig is. Natuur en cultuur kunnen niet meer afzonderlijk van elkaar worden gedacht. Het lijkt ons dat geopolitieke duiders (zoals Rob de Wijk en Paul Scheffer) zich hier rekenschap van moet geven. De toekomst ligt niet meer open en de grens van open naar gesloten (ondanks alle onzekerheid) wordt bepaald door de toenemende planetaire overshoot. In het Holoceen kon dat met reden worden gezegd: de toekomst ligt open. Maar het Holoceen is passé.
Dit betekent onder andere dat bij de huidige structurele neergang van de beschaving de herstelmogelijkheden na instorting niet meer liggen op de betrekkelijk korte tijdschalen van eeuwen, zoals we dat kennen van neergang en opgang van beschavingen in het Holoceen. Ze liggen nu op de lange tijdschalen zoals we die kennen vanuit reconstructies van eerdere massa-extincties.
Reactie plaatsen
Reacties