Welkom bij Antropoceen - reflecties

Beschouwingen over het Antropoceen, een nieuw tijdperk waarin de invloed van de mens op de aarde centraal staat. Deze site is in ontwikkeling, net zoals het Antropoceen in ontwikkeling is.

De laatste 12.000 jaren worden het Holoceen genoemd: een tijdperk met redelijk stabiele klimaatgrenzen, waardoor veel culturele ontwikkeling mogelijk werd, inclusief bevolkingsgroei. Dit is nu drastisch aan het veranderen, niet alleen door klimaatverandering, maar door overschrijding van meerdere planetaire grenzen, waaronder  verlies van biodiversiteit, vervuiling, verzuring van de oceanen, waterschaarste, verstoring  van biochemische kringlopen.

Reactie plaatsen

Reacties

Diva
een jaar geleden

Hello dear, I came across your artwork and I was really marvel, Are they for sale? I'm very much interested to purchase it, if they're available please I need your response back

Verona
een jaar geleden

Wat een moeilijke man ben jij!

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.

het talent van de martelaar

En de mens dan? Die fantastische veroorzaker van Antropoceen geweld, waar blijft de mens, waar blijft hij als slachtoffer? Hoe verhoudt zich het veroorzakerschap tot het slachtofferschap? Ach, de mens, what the fuck is de mens anders dan zoals een lelijke eend een lelijke eend is en een kwijlende boxer een kwijlende boxer. We moesten de ondergang maar romantisch en poëtisch benaderen: een boxer kwijlt zich een weg door zijn bestaan, een wolf blaft tegen de maan, de wereld is gek, aan Duivels geen gebrek, de wanhoop heeft niets anders te klagen dan door de mens te worden gedragen.Een slachtoffer dient zich te gedragen als een voorbeeldig martelaar. Omdat niet iedereen talent heeft voor de rol van martelaar, moeten de meesten van ons het doen met visioenen van stromen van bloed. Wij hebben het voordeel van vroegtijdig sterven niet uitgebuit zoals de dertigplusser J.C. (Zoon van zijn Vader) dat heeft kunnen uitbuiten. Wij worden niet allemaal wereldberoemd. Onze dolende zielen botsen nu op de uiteindelijke grenzen van een bescheiden planeet. Een planeet die nooit de kunst machtig is geworden om zijn grenzen eens exponentieel op te rekken zoals van haar verwacht werd. Visioenen kunnen niet enkel visioenen blijven en zullen zich moeten verwerkelijken tot waarheden, tot ultieme waarheden van dit theater. Soorten worden uitgeworpen zoals keutels worden uitgeworpen en radicaal doorgespoeld door slechts één druk op de knop. Het is de knop. We moeten de knop in de gaten houden gelijk een kantelpunt.

Lees meer »

de cyclus van vernietiging en vernieuwing

Het leven in het Antropoceen is voor zolang het duurt slechts mogelijk dankzij de gebreken van ons voorstellingsvermogen en ons verstand. Wij danken onze kracht aan dit gebrek en ieder hart is gemaakt voor slechts een bepaalde hoeveelheid leed. Wij danken onze volharding aan het weigeren te stoppen met ademhalen en piemelen en daarom dijt het leed uit zoals het heelal uitdijt. Zoals het heelal reeds zo vaak is uitgedijd en vervolgens onder haar eigen ijdelheid, haar eigen leegte, haar eigen entropie weer is ineengestort, ineengekrompen tot de leedloosheid van een punt … die een komma bleek te zijn en weer uitdijde tot het uiteindelijk - zoals ook nu in het Antropoceen -, weer overloopt van de volheid en de vervulling  van leed … die vervolgens weer onder haar eigen gewicht moet bezwijken. Vernietiging is getrouwd met vernieuwing. Elk leed behoeft een eigen universum tot vernietiging die moet leiden tot vernieuwing en die behoefte wordt deze keer in dit verbijsteringwekkende geologische en existentiële tijdsgewricht vervuld door een uit de hand gelopen verstand van een bepaalde soort, door onze geest, door onze ziel, zaligheid en gebreken. Ons verstand loopt vast op deze kosmische woekering en dat is goed. Een verstand dat niet vastloopt verloedert en dat is uiteindelijk dezelfde vorm van vastlopen en dat is goed omdat het zo gaan moet. Verstand zal per definitie waanzin moeten worden en verbijstering – om zo enkel door vernietiging uiteindelijk verlost te kunnen worden.

Lees meer »

Het touw, de ophanging

Alles gaat goed: alles gaat achteruit zoals bedoeld. Zoals dit Fuiktijdperk, dit zich sluitend venster dat nog maar net in opkomst is en nog tot de volle wasdom van de ontwrichting, tot de volle bloei van de instorting zal moeten komen. En dan zal je zien: dan heb je ook wat – daar kan geen engel of dictator tegenop. Je moet wel van de pot losgerukt zijn om te geloven dat het menselijk avontuur niet in zijn meest avontuurlijke fase is terechtgekomen. Precies nu, onder het gesternte van ongenadige krachten, krachten die allang werden voorbereid en gekruid door de rechtopgang van een soort. Die kunst, dat talent van het kruiden was de dino’s niet gegeven. Het zuur komt voort uit het zoet en het lost het zoet op. Het zout komt voort uit het bittere en het zal de wonden met scherpe pijn uitzuiveren. Het bloed zal zich vermengen met de tranen, er klinkt geknars van tanden, het carillon des doods zal de beroemde compositie van deze tijd, deze sterftijd spelen: memento momenti mori a priori. Stel uw prioriteiten en vergeet geen moment op tijd te sterven - en uw teloorgang zal verfrissend zijn. Reeds in het verre verre verleden, bij onze rechtopgang, hebben we dit tijdperk, deze sterfhuisconstructie opgetuigd. Het was niet enkel en alleen slecht voor de rug, het was ook nog ergens goed voor: onze handen kwamen vrij en we creëerden er handigheid mee waarmee we ons uiteindelijke slachthuis konden stutten en funderen. Waarom dan nu nog berouw tonen terwijl het ons ook, op die rug na, heel veel goeds heeft gebracht? Waarom ons dan nu nog vastklampen aan het touw waarmee we onszelf allang opgehangen hebben?

Lees meer »

Fnuikend, fuikend, duikend

Zonder zonde, zonder Duivel, zonder Erfzonde zou misdaad wellicht ons enige vertier zijn, in een eindeloze zee van verveling. Het gebrek aan lijden zou ons lijden zijn. Overdaad aan Paradijs schaadde al de eerste mens met een rib uit zijn verwrongen naakte lijf. Zo ging het verder, er kwam nog een verlossing tussendoor die nauwelijks een naam mocht hebben en nu verblijven wij in dit Fuiktijdperk. Van Hof van Eden via alle aaneengeregen hedens, naar  dit Fuiktijdperk, wat een geschiedenis. Geologisch gezien was het een geschiedenis van opkomst en ondergang van een bepalende soort, kortom een fluitje van een cent, een rimpeling slechts in de kosmische tijd. Deze soort, dit wezen heeft nauwelijks de tijd gekregen tot diepgang, mystiek en mysterie of hij kwam alweer terecht in de fase van de ondergang. Behalve zijn genitaliën was hij weinig in staat te verbergen. Zijn schaamte en schijnheiligheid, zijn planetaire vervuiling stonk ons tegemoet als om ons de kracht van zijn bestaan te bewijzen. En met zijn enorme voortplantingslust wekte hij, verwekte hij onze belangstelling. Zijn lust, zijn drift, zijn nooddruft werd grenzelozer dan grenzeloos, zijn overdreven aanwezigheid vloog ons als spermaklodders om de oren. Moest de Duivel het vaak zonder altaar doen, de mens deed het vaak, te vaak zonder condoom. En de Duivel klaagde niet met zoveel zondaren extra, hij wist er immers zijn speelveld mee uit te breiden tot voorbij de planetaire grenzen - voor zolang het mocht duren. De Duivel hield er een eenvoudige driedelige formule der Waarheid op na: extra zondaren = extra zondeval = extra snelle ondergang. Waaruit bestond die extra zondeval? Die analytische vraag moesten we tegenwoordig in dit Antropoceen maar over laten aan de theoretische systeemwetenschappers. De praktijk van de zaak kunnen we gerust toevertrouwen aan gezucht, gesteun, gekreun, het tandengeknars van bloed, zweet, tranen en het eeuwige ziekelijke gezeik van scheppingsmateriaal, voortplantingsmateriaal in de kerken en de bordelen van de echte mens. Toch wel zonde, zo’n val in dit neerwaarts duikend fnuikend Fuiktijdperk.

Lees meer »

De rang der Grootstervelijkheid

Als een tijdperk een erfgoed was – en dat is het – dan is ze een erfzonde. Reeds verwekt door het voorafgaande tijdperk, haar ouder, haar moeder, komt zij in een stuitende bevalling tot leven, tot groei, tot bloei. Het voorafgaande tijdperk, de ouder, sterft af en bewijst nu zijn nut door plaats te maken. Op een gegeven moment weekt de dochter zich los van de ouder. Dat is het ogenblik dat zij met enthousiasme begroet dient te worden – en dat ogenblik is nu aangebroken; we dienen het Antropoceen, dit schitterende tijdperk, met enthousiasme te verwelkomen. Haar erfzonde (haar geblèr, haar luierkak) dient in liefde omarmt te worden, genoeglijk genoten te worden, troostvol getroost te worden. Die erfzonde zal de kracht van een lot met zich meebrengen, we voelen dit aankomen, lijkstank hangt in de lucht. Duizenden jaren lang waren we slechts stervelingetjes, nu eindelijk zijn we tot de rang der Grootsterfelijkheid bevorderd. We moeten er niet aan denken dat dit alles ons bespaard had kunnen worden, wanneer het Holoceen, de ouder dus, zich wat bescheidener had opgesteld en wat minder CO2 had uitgestoten en wat meer besmettelijke ziektes teweeg had gebracht, wat meer negatieve afremmende stervensfeedback in plaats van positieve versterkende geboortefeedback. Optijdige afremmende feedback: het had vast een paar miljard gescheeld, een paar miljard actuele en toekomstige Grootsterfgangers. Het Antropoceen was dan nog lang niet tot de wijsheid van de volle wasdom gekomen en dat zou een zonde bovenop de erfzonde zijn geweest, een uitstel van wat we nu met enthousiasme mogen begroeten.

Lees meer »

Men moet dit tijdperk groeten

We stierven traag, langzaam en bij bosjes. Men moet dit tijdperk groeten en omarmen zoals men zichzelf ’s ochtends in de spiegel begroet en omarmt: met gepaste weerzin, afhankelijk van welk been als eerste uit bed, om het even welke dag, welke maand, welk jaar, als ‘t maar wel in dit tijdperk, dit huichelachtig tijdperk van de waarheid is. Men moet dit tijdperk verdragen zoals met zichzelf verdraagt, zoals een windhaan zichzelf moet verdragen van hot naar her en zwabberend heen en weer geslingerd door hoe de wind waait. Zonder iets te willen, zonder zelf iets te willen, zonder zelf iets te kunnen willen, zonder zelf noch boeh noch bah noch kop in ’t zand of reet en toch kakelend te leven, te sterven: traag, langzaam en bij bosjes. Zo moet men dit tijdperk groeten.

Lees meer »

Waar nog kunnen wij aarden en waarin?

Waar kunnen wij nog in aarden terwijl we de aarde, ons fundament, aan het ontaarden zijn? In onwetendheid kunnen we ook al niet meer aarden nu we weten wat ons te wachten staat. Hoe kunnen we nog de ijlte van de gelukzaligheid bereiken die boven alle overshootproblemen uitstijgt wanneer geen schoonheid, geen heil ons nog verlicht en Godt en de engelen blind zijn als koningen in hun eigen veilige domein, hun eigen paradijselijke hemeltje? Nu we geen hiernamaals meer zien, nu de hemel is verdwenen, in welke genade, in welke verlossing mogen we dan nog vallen? De stervende planeet had toegestaan dat de Godt gedood werd, dat menselijk ongeluk was omgezet in ratio, theorie, wetenschap, dat filosofie de niesbui van de kosmos werd, waar met de analytische filosofie het zoeken naar verlossing halt moest houden. De obsessie met vooruitgang en efficiënte oplossingen kenmerkt het einde van een beschaving en het begin van de eindeloze val, de Antropocene val noemen: een voormalig mensentoppunttijdperk werd ten koste van zichzelf een mensonterend monstertoppunttijdperk. Het voorgaand tijdperk, het Holoceen heeft in haar laatste fase reeds de echo’s van haar decadentie voortgebracht, en de afspiegeling van haar uitputting. Hoe moet nu deze ongeneeslijke en pandemische vermoeidheid tot een goed einde worden gebracht? Is er iets mogelijk op het gebied van collectieve palliatieve sedatie? Een supremo momento terminalis?

Lees meer »

Een geëmancipeerd kind is gebaard

De mens heeft zijn geldingsdrang bewezen in een enorme vindingrijkheid om te vernietigen. Het Antropoceen is verreweg zijn beste uitvinding, zijn succes van de buitencategorie. Zij is door de mens gebaard, met de tang der technologie verlost, en wordt tot volle wasdom gebracht met de babyvoeding van olie, gas, gif. De mens als zorgzaam moedertje van deze schattige dochter – wat een lieflijk beeld. Het kind blèrt niet: het zal haar moeder doen blèren. Het kind is geëmancipeerd. Welke Godt had dit ooit in der eeuwigheid durven dromen?

Lees meer »

Onvermoeibare wederopstanding

Is dit nieuwe tijdperk, dit Fuiktijdperk nu al vermoeid? Welnee jôh! Zij is nog maar net gebaard, net uit de startblokken. Het is een jonge frisse teef die kwispelend en kwijlend stoeit met het speelgoed dat haar toegeworpen wordt: CO2, stikstof, gifstof, wurgstof. En van wurgstof gaan wij moeiteloos over op wurgseks. Ze penetreert ons, ze bezwangert ons, ze verstikt ons. Ademloos adembenemend voltooid zij haar orgastische daad en haar zaad zal vloeien als smeltende ijskappen. En uit haar borsten zal melk vloeien als stijgende zeespiegels en haar vulva zal vochtig van oververhitting zijn als een broeiendbrandende hooischuur. Ze stoeit als een stoeipoes, ze schept dood en verderf in vervoering, ze zal niet rusten eer ze de verzuring der oceanen voltooid heeft. Ze is een waardenschepper, een nieuwe waardenschepper, ze zal haar ethische adem uitstoten over de poolkappen, ze zal met haar boezem de Himalaya pletten, met haar poepgat zal ze de methaanuitstoot verduizendvoudigen. Maar ze zal weigeren haar dikke teen in het dijkgat te steken. Daarvoor heeft ze teveel energie en die daad is beneden haar esthetische waardigheid. Wie aan een overshoot aan energie lijdt, zoals dit ons lieflelijke Fuiktijdperk, mag niet klagen. Zij heeft tenminste een doel, ze heeft iets te doen, ze zal zich niet vervelen. Ze heeft een doel, ze heeft te gaan als een banaan, ze zal niet het kussen der ledigheid beslapen, ze heeft een doel maar dat hadden wij al gezegd. Wat is er mooier dan het hebben van een doel? Het bewustzijn bevredigt zich ermee, ze voelt zich de kroon op de Koningin van Spektakelland, ze is de kroon op onze schepping die ons speeltoneel is, zij penetreert deze planeet gelijk deze een aantal keren eerder is gepenetreerd, is verkracht, ter neder geslagen en na even zovele miljoenen jaren onvermoeibaar steeds weer is wederopgestaan.

Lees meer »

De komische noot

Hoe kan dit Stervenstijdperk worden verlost wanneer hoop daartoe niet meer in staat mag worden geacht? Melancholie? Cynisme? De komische noot? Ja, doet u mij dat laatste dan maar, als ik toch mag kiezen. Het Antropoceen is immers zelf een komische noot, een kosmische noot. Zij doet aan zelfverheffing via zelfvernietiging die zelfverlossing is. Zij is een vorm van zelfverlossingszelfspot en wat is dat anders dan de omarming van de zelftroost? Ja, doet u mij dat dan maar als ik toch mag kiezen.

Lees meer »

Het bewustzijn van een zenuwlijer

Uit pure solidariteit met het onlangs gestorven Holoceen, en met een realistisch beeld van de toekomst lieten wij ons laten wegzakken in de chaos en ellende die over ons komen gaat en die ons nog eens extra zal binden aan ons bijzondere zenuwstelsel. Op welke drempel staat de mens, aan welke rand van welke afgrond? Was het eenvoudiger te leven met het feit dat wij binnenkort langer of korter durend in ellende&chaos komen te verkeren dan met de gedachte om vervolgens in ongenade te moeten sterven? Kunnen wij dit ontkennen door de gedachte uit de weg te gaan, of moeten we juist die ontkenning ontkennen door de gedachte te omarmen? De levenden maken zich vast drukker om de doden dan andersom. Het dodelijkste zijn, zoveel is ons nu wel duidelijk, is het weliswaar unieke bewustzijn van een soort, een soort die de fout maakte om rechtop te gaan lopen, een soort die op de kosmische tijdschaal om duistere redenen in een zucht en in een mum ooit eens was, dronk een glas, deed een plas, soms in zijn hum, vaak ook uit zijn sas. Het menselijk bewustzijn bleek het toppunt van lijden te moeten zijn, vierdubbel lijden, we noteren: 1. De oorzaak van kunnen lijden op goddelijk nivo; 2. Als weethebber daarvan; 3. Zich kunnen inbeelden van wat hem nu te wachten staat; 4. Het genot van het fysieke lijden door zijn zwakke zenuwen. Het zijn geen losse flodders, het is een eenheid van samenhang. Het is het lijden dat weigert ook maar een seconde te verzuimen. Het is het lijden dat aanbeden dient te worden. Het is het lijden van het Antropoceen. Het Antropoceen dient aanbeden te worden. Het is het hosanna van de tijd der kosmische en komische tijden.

Lees meer »

Houdt de zenuwen haaks!

Weet u, wij zijn het beu. Woorden zijn voor ons dusdanig heftig geworden dat alleen ermee in aanraking komen ons al traumatiseert. Onze PTSS werd veroorzaakt door de woorden. Sindsdien hebben we elkaar niets gezonds meer te zeggen en werken we elkaar alleen maar op de zenuwen. Sindsdien ook zijn wij in het meervoud gaan schrijven. Onze persoonlijkheidsstoornis werd meervoudig gelijk een Siamese zesling. En toen …, en toen werd het Antropoceen in het leven geroepen, we hadden iets om ons gezamenlijk op te richten, we hadden weer een doel in het leven en we gingen er vol voor. Het Antropoceen, tot dusver was dit onze stellige mening: de mens zal ten onder gaan. Inmiddels zijn wij van mening veranderd: de mens moet ten onder gaan. Dat is haar bestaansrecht, zij vervult gewoon een nuttige functie zoals een schoffel diezelfde functie vervult als het om onkruid gaat en dat gaat het. Zij zal haar taak met compassie en genegenheid volbrengen en lust en stank zal haar dank zijn - men moet lijklucht niet onderscheiden van lijklust. Haar empathische afkeer van al het menselijke is logisch verklaarbaar. Logica en empathie veronderstellen elkaar in dit geval. En toen ..., en toen bevloog een logisch en empathisch helder beeld ons, zoals wij ons ook een helder beeld kunnen verschaffen van hoe we zijn verwekt, met welk een enthousiasme of weerzin, en met welk een chaos en ellende tot gevolg. Zojuist hadden wij het gevoel dat het Antropoceen de verwekker was van precies hetzelfde, maar dan op een nog hoger level, op een verhevener Plan: Chaos&Ellende in miljardvoud. Werelden en schepselen draaiden kotsmisselijk en lijkbleek om haar heen zonder het geringste spoor van evenwicht. Het was wel evenwicht natuurlijk, maar dan van een veel hoger level, van een bovenmenselijk Plan. Wij zeiden het al: we hebben elkaar niets gezonds meer te zeggen. Houdt de zenuwen haaks!

Lees meer »

Over ons

Antropoceen - reflecties is een platform dat zich richt op het delen van filosofische reflecties over het Antropoceen. Het gaat over de verschillende ideeën omtrent oorzakelijkheid en de mogelijke gevolgen. Daarover zijn we het vaak niet met elkaar eens, zo blijkt uit het maatschappelijke debat.

De vragen richten zich op:

- Hoe zijn we in deze situatie terecht gekomen?

- Welke filosofische blik kunnen we daarop richten?

- Wat zegt ons de oorzakelijkheid over eventuele oplossingsmogelijkheden?