In het paradijs wierpen de dingen en de wezens nog geen schaduw over de wereld en het leven. Het lam sliep met de leeuw en de vos met de kip. Niets was door het Kwaad aangetast, koorts greep niet om zich heen. De inzichten in die tijd waren de enige ware en alle wezens badderden en spetterden in de weldadigheid van de echte waarheid. Nu, na vele dwaaltochten, zondevallen en zweet des aanschijns is er nog steeds waarheid: de waarheid van voorafschaduwing, van keerzijden, van verplettering, van vertrokken gezichten, van verkrampingen, van bloed, zweet en verzet tegen de keerzijden. De metafysische leegte van de huidige tijd vermenigvuldigt zich met de fysische leegte van de maag, honger vermengt zich met zinloosheid, de ontheemden zwerven over de wereld en de waarheden van nu zijn op steeds wankelere fundamenten gebouwd. Ons enige fundament is nu de zekerheid van toenemend onheil. Het voor de mens onoplosbare wordt de oplossing. Ook verdwijnen is een vorm van heil.
Reactie plaatsen
Reacties