Onze basis is ontisch, ofwel het zijnde. Het is de volle concrete werkelijkheid waar niets van geabstraheerd is. ‘Niets van geabstraheerd’ wil dan zeggen: de erkenning dat de werkelijkheid gelaagd is in zijnsaspecten, van de onderste/eerdere/lagere natuurgerelateerde, tot de bovenste/latere/hogere cultuurgerelateerde. Maar wat is ‘hogere’ als die hogere juist afhankelijk zijn van de lagere. Waar ligt dan de macht, die onder Antropocene omstandigheden gezien kan worden als overmacht?
De mens maakt concreet deel uit van het universele en dat betekent ook dat niets universeels de mens vreemd is. Dit betekent dat de zijnsaspecten fungeren zowel ‘binnen’ als ‘buiten’ de mens. En dat we er dus ook ervaring van hebben, van die universele gelaagdheid. Zodra het fysische is, is er al sprake van gelaagdheid. Het fungeert immers in het numerieke, het ruimtelijke en het kinetische aspect. Zodra er ‘daarbovenop’ leven ontstaat is er sprake van een volgende laag: het biotische fungeert in het numerieke, het ruimtelijke, het kinetische en het fysische aspect. Enzovoorts t/m de aspecten die meer cultuurgerelateerd zijn.
Waar de ‘hogere’ aspecten onder Holocene omstandigheden min of meer vrij van de lagere aspecten konden worden gedacht (hoewel een misvatting, naar we nu ervaren), blijkt nu juist een toenemende inkapseling van de ‘hogere’/latere aspecten in de overmacht van die lagere/eerdere aspecten. De ‘hogere’ aspecten konden een tijdlang tegen de lagere ingaan, totdat bleek dat de planeet niet groter is dan deze is. En daarbovenuit geen levensondersteuning kan toevoegen, maar wel kan inperken. Wat dan wordt ingeperkt is vrijheid.
Het is niet alleen onze levenswijze, maar juist ook de expansie van evolutionaire wetmatigheden die geleid hebben tot onomkeerbare overshoot. Er is een voornamelijk cultuurgerelateerd traject, dat gepaard ging met een voornamelijk natuurgerelateerd traject en je kunt ze niet uit elkaar halen. Was dat cultuurlijke traject een onlogisch traject? Was het een rationeel traject? Of moet correcte Antropoceentheorie kunnen aantonen dat het een niet-onlogisch irrationeel traject was? Dat lijkt ons van wel.
We kunnen het cultuurlijke net zo goed zien als niche-voortzetting van het natuurlijke. En daarmee net zo goed onderhevig aan natuurlijke expansiewetmatigheden. Waar we nu dan tegenin moeten roeien. Maar hoe dan? Dat ‘hoe dan’ vergt een gefundeerde Antropoceentheorie in plaats van een boven de onderste aspectlagen zwevende.
Stel nu dat de aarde 2 keer zo groot was als dat hij is. Dan hadden we het overshootprobleem nog niet gehad. Nog niet. Dan hadden we onze levenswijze gewoon voortgezet. Dus zouden we, naast protesteren tegen onze levenswijze net zo goed moeten protesteren tegen de te kleine aarde. Ik liep vandaag nog met twee protestbordjes door het centrum. Op de ene stond: “stop de klimaatverandering”. Op de andere stond: “stomme aarde, waarom ben je zo klein?” Het winkelend publiek (50% kledingzaken, 40% horeca, 30% drogisterijen, 20% supermarkten), was het weer roerend met mij eens.
We hebben het dus over de onderste aspecten als sterk (mede)sturend. De aantallen, het fysische, het biotische, een deel van het psychische. Stel nu, als voorbeeld, dat we door verandering van ‘niet-onderste-lagen-gerelateerde-aspecten’, de CO2 toevoeging, met 60% ( = ongekend zeer fors, zeer snel, zeer radicaal, met alle pijn erop en eraan), weten terug te dringen. Dan kunnen we trots op onszelf zijn – en dan gaan we jaarlijks nog steeds met 1 ppm omhoog. Van 430 zitten we dan over een eeuw op 530, ofwel bijna het dubbele van pré-industrieel.
De ‘hogere’ aspecten kunnen niet tegen de lagere in werken, in die zin dat het haar basis is. Schoffelt ze haar basis onderuit, haar woning, haar habitat, dan is het niet meer dan logisch dat ze zichzelf onderuit schoffelt.
Ook het mystieke gedachtengoed (wanneer een bijdrage aan Antropoceentheorie) ontkomt niet aan de levensfundering.
Reactie plaatsen
Reacties