Overshoot van planetaire grenzen: we hebben er weet van, we kennen de gevaren, en tegelijk staan we er uiterst ambivalent tegenover en weten we het maar niet te keren. 

De filosoof Plessner maakte duidelijk dat de mens, in tegenstelling tot de overige organismen, wordt gekenmerkt door een dubbelstructuur. In onze dubbelstructuur kijken wij over onze eigen schouder mee naar wat we aan het doen zijn en dat brengt onze typische antropo-ambivalentie (onze verlegenheid met de situatie) met zich mee. Het gedachtengoed van Plessner maakt momenteel weer opgang in verband met het denken over het Antropoceen.
Plessner gaf halverwege de vorige eeuw een wijsgerige antropologie en sociologie die daarbij behulpzaam kan zijn. De mens deelt met andere dieren een centrische organisatie, maar kent tevens wat P noemt een excentrische positionaliteit: hij leeft net als (andere) dieren vanuit zijn centrum, maar staat daar tegelijkertijd buiten.

Door deze afstand kan hij zichzelf, maar ook andere levende en nietlevende dingen objectiveren. “Waar de plant leeft en het dier zijn leven leeft en beleeft, daar leeft en beleeft de mens zijn leven niet alleen, maar beleeft hij ook nog zijn beleven.”
De mens is cognitief reflectief op basis van zijn voelende zelfervaring. Hierdoor kent de mens een zekere handelingsvrijheid, maar hij blijft “ondanks deze vrijheid gebonden aan een bestaan dat hem remt en waarmee hij moet vechten”.
Omdat de mens door zijn excentrische levensvorm anders dan het dier niet volkomen samenvalt met zichzelf, is de mens volgens P “constitutief thuisloos” en dient zich daarom een ‘thuis’ te scheppen. Dat betekent dat de mens kunstmatig van nature is. Waaruit volgt dat de mens dus ook dissipatief van nature is, zijn omgeving verbruikend.

Zo wordt de mens pas mens als hij zich materiële en immateriële sferen creëert. De Duitse filosoof Peter Sloterdijk zegt dat de mens leeft in sferen die hij zichzelf moet creëren: de mens is vóór alles een ‘sferen-bouwer’, want hij moet vorm geven aan de onmetelijkheid van de wereld. Hij omhult zich met sferen, materieel (een huis, kleding) en immaterieel (identificatie met een religie, een groep) om zich te beschermen tegen de anderen en tegen de wereld, maar ook om die wereld in het klein na te bootsen.
Die sferen kunnen zich (helaas) niet verengen tot enkel immateriële. Dit duidt wederom op de dissipativiteit van de mens: hij gebruikt en verbruikt materie en energie vanuit zijn omgeving: het aardsysteem.We zien dat dit – deze met het wezen van de mens samenhangende natuurlijke wetmatigheid - ons inmiddels in grote problemen heeft gebracht: planetaire overshoot.

 

De confronterende hardheid van dit overshootgegeven kunnen of mogen we volgens mij niet over het hoofd zien: wat eerder heilzaam was (of in ieder geval als zodanig werd ervaren en gezien), is nu in zijn tegendeel gekeerd. Het overshootprincipe kent zijn eigen natuurlijke wetmatigheden, met een lange en diepe geschiedenis in dit antropoceengeval. Die wetmatigheden zullen naar mijn mening moeten worden onderzocht en publiekelijk erkend en gepresenteerd worden. Als onontkoombaar behorende tot de realiteit, ondanks dat ze toch wel diffuus en multi-interpretabel zijn. En hetgeen dus ook felle emotie in het debat met zich meebrengt / zal brengen, gezien het achterliggende pystische aspect, betrekking hebbend op de verschillende mens- en wereldbeelden in samenhang met (eigen)belangen.

Welkom bij Antropoceen - reflecties

Ontdek hier inspirerende gedachten en reflecties over het Antropoceen, een tijdperk waarin de mens de grootste invloed heeft op de aarde. Laat je meevoeren in nieuwe inzichten en ideeën.

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.

Twee geschiedenissen voor de prijs van één

De fragmentatie van globalisering en de planetaire overshoot van de aarde  vormen mede ons gevoel van de tijd waarin we leven. Op zichzelf lijken deze twee thema's van verschillende oorsprong te zijn, maar het is nu dat de geschiedenis van de mondiale geopolitiek opgesloten raakt in een grotere geschiedenis van planetaire overshoot. Klimaatverandering is (slechts) een deel van alle planetaire overshoot.

Lees meer »

Zingevend gesomber

Het lijkt erop dat we leven in een beschaving die erop gebrand is haar eigen ondergang te bewerkstelligen. Een beschaving waarin de mogelijkheid van haar ondergang een voortdurend ontkende realiteit is en waarin de betekenis van dat woord, ‘beschaving’, iedere dag voor je ogen een beetje verder vervaagt. Een vervaging overigens in het licht van een gaande massa-extinctie: de ideale plek om je over te geven aan de zingeving van gesomber.

Lees meer »

Rimpeling in de kosmos

Wanneer wij er voor openstaan nemen wij de illusie, de nietigheid, de verrotting van de zo genoemde beschaving waar. Toch dwepen wij met dit kadaver, al ons consumentisme wijst daar op. We verkeren in onhoudbare planetaire overshoot die de beschaving verder mee naar beneden trekt, onomkeerbaar, in zijn toch al neergaande fase. De oplossing van onoplosbare overshoot zal de mensheid te boven gaan. Het mensdierlijke speelkwartiertje is voorbij en een zoveelste schrale tijd breekt aan wat betreft het biotische op deze aardkloot. Het leven op aarde kenmerkt zich door deze afwisseling van schrale en overvloedige tijden, maar wel, uiteraard, op bovenmenselijke tijdschalen. Na de huidige massa-extinctie volgt over zovele miljoenen jaren nieuwe soortenrijkdom. Het tijdperk van het mensengedoetje zal een rimpeling in de kosmos blijken te zijn.

Lees meer »

Ervaringsdeskundigen in uitzichtloosheid

Hoeveel bochten hebben we nog over om ons in te wringen nu de kwaadaardige aard van het Fuiktijdperk steeds duidelijker wordt. We veroverden vrijheid om ons leven te leiden in het specifieke heil dat wilden: kapitalisme en vrijblijvend consumentisme. En die combinatie maakte ons juist onvrij. Zo worden wij ervaringsdeskundigen in uitzichtloosheid en wanhoop, in doodsnood en zelfvernietiging, experts in opstandig en tegenstribbelend terminalisme. Wat een glorieus vakmanschap, welk een trotse kroon op de schepping. Een diersoort die zichzelf en zijn medesoorten aan het uitwissen is … zijn we dan niets anders dan clowns die een parodie op de waanzin opvoeren? Met de gehele kosmos op de tribune, als de door ons te vermaken toeschouwer? Die toeschouwer lacht zich een breuk om zoveel dwaasheid, om zoveel zelfvernietiging, om zoveel inmiddels afgesloten uitwijkmogelijkheden op een doodlopende weg.

Lees meer »

De Grote Grap

Het Antropoceen, met zijn planetaire overshoot, keert zich nu tegen zijn maker: het mensdier, het vernietigingsdier. Dit dier wist door een wonderlijke samenloop van omstandigheden een geologische kracht van formaat te worden door op ongekende schaal zijn omgeving uit te buiten tot eer, macht en vermeerdering van heil voor zichzelf. Heil werd onheil toen planetaire grenzen werden bereikt en structureel verder werden overschreden. Dat de terminale fase nu is aangebroken dringt nog lang niet tot iedereen door. We hebben een monster tegen onszelf opgezet, we hebben een noodlot over ons afgeroepen waar niet aan te ontsnappen valt en we perfectioneren steeds verder de folteringen ervan. De groei en bloei van grootschalig lijden is gaande, zodanig dat we kunnen zeggen dat de hel eindelijk weer een functie krijgt, niet aan gene maar aan deze zijde van het leven, zodanig dat juist de dood weer zaligmakende verlossing gaat betekenen. Er rust een taboe op zelfmoord, maar precies dat is wat het mensdier over zichzelf afroept: collectieve zelfmoord in de onvoorstelbare aantallen van de miljoenen en de miljarden. 112 zal behoorlijk overbelast raken – we moeten ons maar een grapje tussendoor permitteren. Of is het niet een grapje maar is het de Grote Grap, de klapper, de uitsmijter op het eind van het feest, een collectieve grafgrap van een er geweest zijnde soort. Zo’n grap, daar zouden de restanten van de planeet, en van het leven wat nog over is, weleens danig van kunnen opknappen.

Lees meer »

Terugkijken vanuit de toekomst

Als we willen weten hoe en wat een soort is geweest, en waarom deze van het wereldtoneel is verdwenen, hoeven we maar naar de onze te kijken in een toekomstige projectie met achteruitkijkspiegel. Het is een kwestie van voorstellingsvermogen. Met terugwerkende kracht zien we een voortdurend spartelende rechtopganger die vanwege zijn unieke zelfbewustzijn in combinatie met zijn technologische expansiedrift zichzelf confronteerde met een onstuimige afgrond, een afgrijselijk noodlot van metafysische proporties. Zijn bijzondere zelfbewustzijn deed hem lijden boven de dieren uit. Met dat zelfbewustzijn werd hij gedwongen zich een identiteit aan te meten, een doel te creëren, eeuwig zoekend naar zin. Hij riep een ongekende onrust over zichzelf af, culminerend in Sisyfusarbeid. Deze ongebreidelde arbeid bracht onontkoombaar overexploitatie met zich mee, uitputting en vernietiging van zijn levensondersteunend fundament. Die overexploitatie ging gepaard met het doden van goden; hij kwam zelf op de troon, dacht ie. Ach, wat valt er verder nog over te zeggen, anders dan dat het niet anders kon dan dat daar planetaire en daarmee zelfvernietiging op moest volgen? Toch was dit dier ook gedwongen, om dezelfde reden van zelfbewustzijn, om hoop te blijven koesteren. Hoop geeft energie en als die energie gepaard gaat met onvrede en gevoelens van bedreiging, dan uit die zich in massale protesten en conflicten, die ontaarden in versnelling van de zelfdestructie die toch al gaande was. De uitdrukking ‘van de regen in de drup’ klinkt veel te zachtaardig en brengt een verkeerde voorstelling met zich mee die gecorrigeerd moet worden met termen als reactionair fascisme en moordpartijen. Men ging, naast de al veel langer gaande uitmoording van vrijwel alle andere soorten, elkaar uitmoorden op ongekende schaal. Juist een wrede schaal bleek een menselijke schaal te zijn, een menselijke schaal een wrede. Hoe wreder hoe menselijker leek het wel, toen de fase van het Antropoceen aantrad. Het Antropoceen bleek het ultieme Fuiktijdperk te zijn. Er waren geen ontsnappingsmogelijkheden meer. De gehele aarde was gekoloniseerd door het vernietigingsdier, en de neergang was onomkeerbaar. Deze diersoort gaf zichzelf de genadeklap. En ook die term klinkt nog veel te genadig, gezien de ellende die ermee gepaard ging. De biotische evolutie likte zijn wonden en is nu, na zoveel miljoenen jaren, weer aan het opkrabbelen.

Lees meer »

Opstand tegen zelfvernietiging

Zelfvernietiging, als allesoverstralende oplossing, vindt nu plaats in het hart van drie verschillende tijdschalen. Wij hebben onszelf overgeleverd aan de stralenkrans van niet alleen de menselijke, maar ook van de natuurlijke geschiedenis, en vooral van hun beider geschiedenissen in combinatie en overlapping: de geschiedenis van het leven op deze planeet. Het Antropoceen is het tijdperk waarin deze geschiedenissen samenvallen op deze drie tijdschalen. De neergaande fase van een beschavingscyclus gaat gepaard met de neergang van een biotische cyclus, onder de druk van fysische veranderingen op nog grotere tijdschaal, de geologische. Een stralenkrans zoals gezegd, gezien vanuit de noodzakelijke en onontkoombare overlevingsstrategie van deze planeet op de grootste tijdschaal, waarvan het harde licht ons drievoudig in het gezicht wordt geworpen, gesmeten, gekwakt. Overgeleverd aan deze overmachtige kracht gaan we gebukt onder de verwoestende corrumpering van de in wezen niet te corrumperen want onverwoestbare energetische temporaliteit die Werking, Wording, Zelforganisatie is. ‘Verwoestend’ dan wel ‘onverwoestbaar’ is dus een kwestie van zowel perspectief als ook van tijdschaal. De tijdloze, onveranderlijke bovennatuurlijke God, de God van de dualistische theologen, die bestaat niet meer; dat zogenaamde fundament is nu wel definitief onder ons weggeslagen. God is Godt geworden: natuurlijke werking, dat als fundament levensondersteunend dan wel levensvernietigend kan zijn. Wij hebben die Godt inmiddels een levensvernietigend karakter gegeven. Ons leven speelt zich af als zelfondermijning waar we al spartelend en worstelend aan ten onder zullen gaan in vloekende opstandigheid. We provoceren de Overmacht – paradoxaal genoeg – onder toenemende vervloeking terwijl we deze zelf in het leven hebben geroepen als een geest uit de fles. Natuurlijk willen we ons niet gewonnen geven aan deze Overmacht: we komen logischerwijs in opstand. Maar het wordt Luctor zonder Emergo.

Lees meer »

Beloftes en hun einde

Deugden slijten sneller dan tekortkomingen, waarvan de laatsten over aanzienlijk meer vitaliteit beschikken en met de voortschrijding van het Antropoceen steeds vitaler worden. De tekortkomingen oefenen een geofysische kracht uit waar de deugden niet tegenop kunnen. Deugden zijn mietjes, deugden zijn altijd al mythen geweest, fabuleuze  illusies waar de mens zich aan vast meende te moeten klampen, en die hij als een mantel der liefde om zich heensloeg. Hoe verhoud ik mij tot de kern van het Antropoceen? Tussen de belofte van grootse ellende en het einde van iedere belofte?

Lees meer »

Vooruitgang

De duiding van wat ons te wachten staat is op hoofdlijnen niet zo moeilijk meer. Dit voordeel van Antropocene ontwikkelingen kunnen we vooruitgang noemen. Ze openbaren ons iets in het licht van planetaire overshoot, ze openbaren veel, ze openbaren alles. Zeven kritieke planetaire grenzen overschreden, tientallen onomkeerbare kantelpunten in het verschiet waarvan sommigen al gepasseerd zijn, zelfversterkende terugkoppelingen, overexploitatie, toenemende schaarste, strijd om energie, om aardmetalen, om voedsel, om water, … . En tel daarbij op enige mensenkennis in tijden van spanningsopbouw – veel kennis is daar niet voor nodig, enkel enige basiskennis op kleuterniveau. Kortom: wat is de theorie van onomkeerbare instorting toch verdomd simpel geworden. Wat een vooruitgang!

Lees meer »

Wat zich openbaart met de kop in het zand

De tekenen des tijds waarschuwen ons dat het tijd is dat het mensdier zijn biezen pakt en met de staart tussen de benen afdruipt. Had hij nog maar een staart, liep hij nog maar op 4 poten, dan was het lang niet zo slecht afgelopen als dat het nu afloopt. Als veroorzakers ervan, van de slechte afloop, doen we twee uiterst tegenstrijdige dingen tegelijk. We versnellen het en we verzetten ons ertegen. Drie dingen: we steken onze kop in het zand, het lijkt wel een circusact. Hadden we maar een kop die we een paar duizend jaar in het zand konden steken, dan was het lang niet zo slecht afgelopen als dat het nu afloopt. Een dergelijke kop vervuilt niet veel, hij stoot weinig CO2 uit. De mens als vat vol tegenstrijdigheden, we wisten het allang natuurlijk, al sinds Adam en Eva tot en met het boek Openbaringen, het boek dat met enige verbeelding de huidige radeloze, redeloze, reddeloze tijd openbaart. Het vat zal een explosief kruitvat blijken te zijn van ongekende proporties, waarvan zelfs bij Adam en Eva de oortjes zouden klapperen. Ongekend? Ja en nee, de onomkeerbaarheid en de planetaire schaal, waardoor zowel geen herstel- als ook geen uitwijkmogelijkheid zal zijn, die twee fungeren inmiddels als Openbaring van Overmacht onder de kenmerken der kenbaarheid. Het pakken van biezen met de staart tussen de benen en de kop in het zand: een moderne circusact van zeer hoog artistiek niveau, die de kosmos versteld zal doen staan.

Lees meer »

Lachend, gierend ten onder

De tekenen van overmachtige onomkeerbare instorting zijn inmiddels zo overduidelijk dat het ongepast is om niet zijn kop in het zand te steken. Men is een complete idioot wanneer men niet uit alle macht (toch nog macht, bij alle onmacht) bezig is om er nog elke genieting uit de peuren en te persen die er nog uit te peuren en te persen valt. Lachend en gierend ten onder. Alleen zo slagen we er in om ons leven op een niet al te onprettige manier te laten voortduren en eindigen voordat de totale ondergang ten tonele verschijnt. Men moet toch voor zijn mentale gezondheid waken.

Lees meer »

Strijd

Het Antropoceen wordt een onbeheersbaar tijdperk, waarin de mensheid zich in een permanente staat van kwetsbaarheid en overleving bevindt. Het Holoceen is voorbij en kan niet meer hersteld worden. De biosfeer bevindt zich in een lange neergang die de leefomstandigheden voor de komende tienduizenden jaren zal herdefiniëren. Er is geen terugkeer mogelijk naar de moderniteit, niet als tijdperk, niet als omgeving, niet als project.

Lees meer »

Over ons

Antropoceen - reflecties is een platform voor diepgaande beschouwingen en reflecties over het Antropoceen en de impact van de mens op de planeet. Onze missie is om bewustwording te creëren en discussies aan te wakkeren over de toekomst van onze planeet.